De wondere wereld van kleur

De wondere wereld van kleur

Bedenk de wereld eens zonder kleur.

Geen blauwe lucht, geen groene weilanden, geen roze bloemen. Hoe zou dat er uitzien?

Lastig om voor te stellen? Er is een simpel trucje voor: doe je ogen dicht. Doe je ogen dicht en zie de wereld zonder kleur.

Zie je niks? Dat klopt.

Een wereld zonder kleur is een wereld zonder licht.

Maar als we onze ogen open hebben, worden we overspoeld met kleur. Natuurlijke kleuren zoals de bomen, bloemen en beesten hebben en kunstmatige kleuren zoals van de verf op je muur en in je kleding. Je ontkomt er niet aan: alles wat je ziet is gekleurd.

Kleur helpt jou en mij het leven door. Het geeft aan wanneer te stoppen en wanneer te rijden. Het laat je er sprankelend en fris uitzien. Het zorgt ervoor dat je in een prettige sfeer woont. Het laat zien of iets eetbaar is, of de prullenbak in kan.

Kleur doet dat niet in zijn uppie. Kleur is geen solist. De werking van kleur hangt altijd samen met vorm, hoeveelheid, materiaal en zijn omgeving.

Het effect verandert op het moment dat je een kleur donkerder of lichter maakt, de hoeveelheid verandert of de omgeving om hem heen verandert.

Kleur is je beste vriend, als het goed gaat. Maar het gedraagt zich soms als je ergste vijand. Alhoewel je de kleuren daar niet de schuld van kan geven. Het is een breed onderwerp en kennis is nodig om het je beste vriend te maken en te houden.

Ik neem je mee op reis in de boeiende, maar ook uitgebreide wereld van kleur.

Deze voorbeschouwing is de eerste van 5 delen waarin we op onderzoek gaan naar het gebruik van kleur in verschillende gebieden.

We gaan op stap met de vragen:
- Welke invloed heeft kleur hier?
- Wat is de functie van kleur bij dit onderwerp?
- Hoe kun je het zelf (makkelijk) toepassen?

Veel mensen willen meer met kleur doen, maar tegelijkertijd vinden ze het doodeng en twijfelen ze.

Hoe los je dat op? Met een beetje lef en kennis. Lef is te leren en kennis kun je opdoen. Ik wil je graag wegwijs maken in deze fascinerende en inspirerende wereld.

We beginnen de reis met de wetenschap.

Je kunt wel als een malle aan de slag willen, maar het is handig als je weet waarom iets werkt zoals het werkt, zodat de kans op teleurstelling minder is.

Eerst (een beetje) wetenschap dus.

Wij zijn als mens vooral visueel ingesteld.

80% van wat je zintuigen aan prikkels te verwerken krijgen gaat via je ogen. Smaak, gehoor, tast en reuk hebben het makkelijk: zij verdelen de overige 20%.

Daarbij zijn je ogen ook nog het gevoeligste zintuig. Kegeltjes en staafjes zorgen samen voor hoe je kleur ziet. Kegeltjes voor de kleur, staafjes voor de helderheid (licht/donker). Ze kunnen een verschil in helderheid van minder dan 2% zien.

Kijk je binnen het kleurenspectrum (de kleuren van de regenboog) dan zijn je ogen bij daglicht het gevoeligst voor het geelgroene deel. Waarom dit belangrijk is om te weten, hoor je later.

Kleur bestaat dus alleen omdat er licht is.

Licht, wit licht, bevat alle kleuren van de regenboog. Wit licht valt op een, zeg blauw, voorwerp en dat blauwe voorwerp neemt alle kleuren van het licht in zich op, behalve het blauwe. Het blauw wordt gereflecteerd en door je ogen komt het in je hersenen terecht. En je hersenen zeggen: “Dit is blauw.”

Als je ogen het gevoeligste zintuig zijn en het meeste van alle prikkels te verwerken krijgen, dan wordt het tijd om ze van gezonde en aangename input te voorzien.

Hoe? Door met kleur aan de slag te gaan. En dat gebeurt op steeds meer gebieden.

Kleur wordt in allerlei takken van sport gebruikt en onderzocht:

    • Beeldende kunst. Het bekendste voorbeeld. Al eeuwen lang zijn schilders met licht en kleur in de weer.
    • Mode. Mode-ontwerpers en kledingstylisten houden zich natuurlijk bezig om de mens zelf er op zijn best uit te laten zien.
    • Interieur. Interieurstylisten en interieurarchitecten gebruiken kleur om je huis een aangename plek te maken.
    • Marketing. De kleuren van een bedrijf bepalen mede de uitstraling die zij hebben.
    • Omgevingspsychologie. Omgevingspsychologen houden zich bezig met hoe de inrichting van een (openbaar) gebouw en de architectuur van invloed zijn op het gedrag van mensen.

Met kleur kun je dus allerlei kanten op. Dat maakt het leuk, boeiend en inspirerend, maar ook lastig en ingewikkeld als je zelf kleuren moet kiezen.

Op internet proberen sommigen het tot een hapklaar brokje te reduceren met kort-door-de-bocht artikelen als: “Wat is de beste kleur voor een sollicitatiegesprek?” of “Hou jij van paars? Dan ben je spiritueel!”. Deze artikelen kun je meteen overslaan.

Zo simpel is het (helaas) niet en zo simpel werkt het niet. Er zijn veel factoren die meespelen en dat is de reden waarom zelf aan de slag gaan met kleur vaak niet het resultaat oplevert wat je er van verwacht.

Eén ding is zeker: kleur heeft invloed op jou en je leven.

Alleen kom je er vaak pas achter welke invloed het heeft op het moment dat je kleur weghaalt. Of juist toevoegt.

Ik neem je mee in een wereld waar je misschien niet dagelijks bij stilstaat, maar waar je wel dagelijks het effect van merkt.